zondag 3 juli 2016

Kayo Dot - Plastic House On Base Of Sky

The Flenser, 2016

 


Multi-instrumentalist en zanger Toby Driver heeft al vaak aangetoond dat hij niet voor één gat te vangen is. De discografie van zijn Kayo Dot is dan ook nogal grillig; telkens wordt een andere richting ingeslagen dan je op grond van een of meerdere voorafgaande albums zou verwachten. De composities van Driver verraden geniale trekjes, maar ook genieën nemen wel eens de verkeerde afslag.

Fans van Drivers vorige band, de avant-garde metalband Maudlin Of The Well, kwamen nog volledig aan hun trekken toen het debuut van Kayo Dot, 'Choirs Of the Eye' in 2003 verscheen. De plaat barstte uit zijn voegen van muzikale ideeën en moeilijk verenigbare genres als modern klassiek, ambient en metal werden moeiteloos aaneengesmeed binnen een en hetzelfde stuk. De climaxen logen er niet om en het is niet vreemd dat liefhebbers van die plaat hunkeren naar meer van hetzelfde.

Maar Kayo Dot doet dat dus niet; elk album moet anders zijn dan het vorige en dat betekent wennen bij iedere nieuwe plaat die verschijnt. De resultaten zijn wisselend. Zo is 'Coyote' uit 2010 een hoogtepunt in het oeuvre van de band: minder strak ingekaderde muziek, op de voorgrond tredende jazz(rock)invloeden en volop ruimte voor experiment in vijf langzaam hun geheim prijs gevende stukken. Het eclecticisme van de band komt goed naar voren op het eveneens sterke en soms chaotische 'Hubardo' uit 2013, waarop avant-garde, black metal, noise en post-rock zijn terug te horen en ook blazers een voorname rol spelen.

De vorige plaat, 'Coffins On Io' uit 2014, deed de wenkbrauwen fronsen. Het metalelement is op dat album volledig verdwenen en een belangrijke rol is weggelegd voor synthesizers in muziek die naar jaren tachtig synthpop neigt. Verrassenderwijs wordt die lijn op 'Plastic House On Base Of Sky' doorgetrokken. Er is deze keer geen sprake van een duidelijke koerswijziging. Sterker nog: de plaat wordt vrijwel volledig gedomineerd door synthesizerklanken. De gothic feel van de voorganger is verdwenen en Kayo Dot klinkt braver dan ooit.

Het maken van een compacte popsong met kop en staart is nooit een troef van Kayo Dot geweest en ook op 'Plastic House On Base Of Sky' is sprake van lange stukken, het laatste stuk uitgezonderd. Depeche Mode en zelfs Roxy Music klinken door in de weloverwogen en gelaten klinkende synthpop en dat is geen aanbeveling. Na meerdere draaibeurten treedt wel gewenning op, met name wat de synthklanken betreft, maar beklijven doet de muziek nog steeds niet.

De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat de composities stuk voor stuk knap in elkaar steken en dat de muziek veel gelaagder is dan je bij oppervlakkige beluistering hoort, maar dat neemt niet weg dat het album als geheel voortkabbelt. Er zijn bijna geen uitschieters. Het is een verademing als aan het einde van Magnetism iets van een climax te horen is, al is dat niet te vergelijken met een van de alles verwoestende apotheoses op 'Choirs Of The Eye'. De ritmisch interessante drumpatronen zorgen wel voor levendigheid en daarom blijft het predikaat 'ronduit saai' achterwege.

Voor wie houdt van serieuzere jaren tachtig synthpop, zal 'Plastic House On Base Of Sky' wellicht genoeg moois bevatten. De muziek is goed uitgevoerd maar ongevaarlijk. Wie bekend is met het oude werk van de band zal weinig van zijn of haar gading vinden op het nieuwe album en wie had gedacht (en gehoopt) dat Kayo Dot na 'Coffins On Io' opnieuw een andere koers zou gaan varen, komt bedrogen uit. Hopelijk komt die koerswijziging er alsnog op de volgende plaat.

http://www.kayodot.net/ 


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen